Boer in de Ardèche

File en folderen
Vandaag zijn we op stap geweest. In Privas was een mini-file. Op het drukste kruispunt van de hele stad stonden namelijk leden van de vakbond te folderen met een mini-file tot gevolg. In de tijd dat mijn werkgevers mij uitmolken, had ik nog wel enige sympathie voor een dergelijk manifestatie. Thans denk ik daar ruim anders over. Tijdens de vakantie moet een hardwerkend mens nog in de file staan om te horen dat er in Frankrijk, met het hoogste tekort van de hele EG, niets ten nadele van de werknemers mag veranderen. Dat gaat zomaar niet. Ik zou mij warempel niet onbetuigd laten. Ik was (we stonden after all tegen mijn zin in de file en ik moest mijn tijd nuttig gebruiken) al aan het oefenen hoe ik in enigszins hakkelend Frans de man royaal zou overtuigen van het kwalijke en kortzichtige van zijn acties. Laat Tineke dit maar niet lezen. Word ik Nota Bene overgeslagen. Ik! Herkend als niet te bekeren kapitalist in een ietwat te grote en te dure buitenlandse Volvo. Discriminatie in mijn tweede vaderland en dat nog wel op twee gronden: én kapitalist én buitenlander.

Inkopen van hout
Nu was discriminatie mij niet onbekend. Aan buitenlanders worden niet zelden hogere prijzen berekend. Enige jaren geleden heb ik aan de onderkant van ons perceel enige bomen omgewerkt en in stukken gekregen. Wat gaat er immers boven het stoken van ‘eigen’ hout? Tot zover ging alles goed. Probleem was het naar boven dragen van die stukken. Met een dikke stam op de rug dus ’s-avonds dikke voeten met pijnlijke rug en kon niet meer lopen, zitten of staan. Komt tijd, komt raad. De volgende dag daarom gekozen voor een spiegelbeeldige aanpak: enige bomen aan de bovenkant van ons perceel omgewerkt en in stukken gekregen. Probleem was nu het naar beneden sjouwen van die stammen. Dat betekent afremmen en komt qua inspanning op hetzelfde neer als naar boven dragen. Net toen ik de schaamte voorbij was en daarom welverdiend wel even wilde gaan zitten, kwam de buurman langs die vol bewondering zei dat hij groot respect had voor mijn pittige inspanningen. Tsja, dan kun je eigenlijk niet meer met een goed gevoel gaan zitten. Doorgelopen daarom; ’savonds dus dikke voeten met pijnlijke rug en kon niet meer lopen, zitten of staan.

Goede raad bleek letterlijk duur. Ik naar een boer in Saint–Vincent-de-Durfort om hout te kopen. Nu vond ik een staire (plaatselijk maat) hout wel erg prijzig. Dus met de boer gesocialised over onze gemeenschappelijk roots: zijn Franse boerenfamilie en mijn Nederlandse boerenfamilie. Ontroerende gesprekken; het voelde als vriendschap voor eeuwig. Hierbij paste toch wel een nette prijs. Daarom na ruim een uur lang maar eens gevraagd om een lagere prijs, waarop hij zei dat ik rijk was en hij het hout toch wel zou kwijtraken. Heb toen maar zonder blikken of blozen de vastgestelde prijs betaald en ben vertrokken met de auto vol hout. Dit jaar opnieuw hout gehaald bij die boer. Inflatie van de prijs van brandhout ligt hier zorgwekkend hoog. Heb in zoverre enige wraak genomen dat de boer dit jaar zonder relevante kosten (een biertje) het hout heeft bezorgd.

C’est la nature
John Merriman schreef in 2002 The stones of Balazuc, in 2003 in het Nederlands vertaald als De stenen van Balazuc. Hij gaat uitgebreid in op de gulden boom, de broodboom en de wijnbouw. Met de gulden boom (arbre d’or) wordt gedoeld op de moerbeiboom; met de broodboom de châtaigniers: de tamme kastanjes waren het voedsel voor de armen. Vanwege de grote armoede in de Ardèche werd gestart met zijdeproductie. Dit leidde tot een periode van ± 30 jaar van welstand. De zijderupsen werden gevoederd met bladeren van de moerbeiboom. De rupsenziekte pébrine manifesteerde zich in 1849 met als gevolg de instorting van de zijdeproductie. De wijngaarden werden in 1851 aangetast door de oidium (echte meeldauw) waarna in 1879 de drijfluis (phylloxera) volgde. Dit was een fatale klap voor de locale wijnoogst. Tenslotte tastte in 1875 de inktziekte (encre) de châtaigniers aan. Het zit de Ardéchois dus niet mee. Nu werden er in ons huis ook zijderupsen gehouden. Bij ons huis staat een tiental moerbeibomen in de vorm van een knotwilg. Omdat de stammen oud en enigszins hol zijn, moeten ze elke twee jaar worden gesnoeid. Dit om te voorkomen dat de bomen bij een grote storm zouden omwaaien. De eerste jaren deden Tineke en ik dat samen. Het was noeste arbeid, want het is niet alleen alle takken afzagen, maar daarna alle takken wegslepen naar een takkenstapel. ’s-Avonds dus dikke voeten met pijnlijke rug en kon niet meer lopen, zitten of staan. Dit jaar doe ik het samen met de man die ons gras komt maaien. We zijn ‘dus’ in twee uur klaar. Er staan thans tien kaalgeschoren ‘worstjes’ in het landschap. Probleem is thans dat de stammen van onze moerbomen wel erg hol worden. Nu vond ik vroeger het woord boomchirurg niet direct deel uitmaken van mijn vocabulaire. De tuinman deelde mij desgevraagd mee dat Edouard Chanel (zie zijn verhaal op onze website) alles wist over bomenziekte. Ik wandelend naar Chanal om toch maar te vragen wat te doen met de stammen. Het gaat tenslotte niet om niets: het gaat om de instandhouding van het Franse cultuurlandschap en het behoud van de agrarische band van alle volgende generaties Holtman met dit huis. Dat mag eigenlijk wel wat kosten. Alleen een krent doet moeilijk. Chanal snapt dit kennelijk niet want hij gaat wel erg kort door de bocht. De bomen zijn ruim meer dan 100 jaar oud en gaan daarom gewoon dood. Niks culture; c’est la nature.

Oogstfeest ‘07
In oktober oogst elke boer, zo ook ik (dacht ik). De beide notenbomen waren bij aankomt echter al helemaal leeg gegeten. Er onder ligt nog één aangepikte en leeggegeten walnoot. Toch leuk om te zien dat de noten ‘best wel’ aardige afmetingen hadden. Zal het daar dit jaar mee moeten doen; we moeten volgend jaar dus hier eerder zijn. De appels doen het zorgwekkend goed; idem druiven. Gevoel van tevredenheid, maar wat moeten we er nu mee? Morgen gaan we dan maar overheerlijke druivenjam maken in de kleuren wit en rood met een voorraadje appelmoes. Toch best wel een spannend bestaan hier dus.

Terug naar Verhalen over Salée -->